Ooit, in 1970, was ik voor het eerst én voor het laatst op een (pop)muziekfestival. Dat was Kralingen. Ik kwam voor de Byrds en die heb ik gemist op een of andere manier. En verder was het niks voor mij. Er wordt vaak gerefereerd aan dat festival, de start van een nieuwe traditie in Nederland. Maar niet mijn traditie dus.
Nou wil het geval dat onze vrienden ons al eens vaker meegesleept hebben naar iets waarvan wij dachten 'nou kweenie' en wat buitengewoon goed uitpakte. De Nollen bijv.Dus we lieten ons overtuigen. En een dagje samen weg is sowieso leuk natuurlijk.
Het Oranjewoud festival.
Ik had er ook nog nooit van gehoord (iedereen aan wie ik het vertelde wel). Ja, ik heb gewoon niet zoveel interesse in muziek. Maar we gingen mee. En het was super.
Het speelt zich af op een landgoed in de buurt van Heerenveen en je kunt een of meer dagen gaan. Wij gingen een dag.
Het is op zich al mooi om rond te wandelen op een 17e eeuws landgoed met een Overtuin en aangelegd door Albertine Agnes. Dat heeft ze mooi laten doen.
En dan allerlei leuke activiteiten erbij, want al lopend valt er van alles te ontdekken. Er zijn heel wat voorstellingen en verder kun je ook overal even gaan zitten om iets te eten of te drinken.
Het was lekker weer, iedereen was aardig, een zeer gevarieerd publiek, ouderen zoals wij, maar ook jongeren en gezinnen met kinderen.
Je kunt op een dag lang niet alles doen, dus B&M hadden het concert uitgekozen dat we zouden bezoeken. Buiten natuurlijk, maar wel overdekt.
Het heette The Tale for the Two Continents. Het orkest heette De Ereprijs.
Het is me niet gelukt een goeie foto te maken. Maar die dirigent wil ik per se op mijn blog. De eerste vijf minuten dacht ik 'dit ga ik absoluut niet volhouden. Nog even en ik glip langs de zijkant naar buiten'.
Maar ineens werd ik gegrepen. Het was werkelijk fantastisch wat dat orkest presteerde en de dirigent en de percussionist en de pianist en alle anderen. Ik ga niet eens vertellen waar het precies over ging, maar het waren nieuwe composities.
Totaal niet mijn interesse en al helemaal niet muziek waar ik van hou, maar zo fascinerend. Eerlijk waar, ik zou zo nog een keer gaan.
Zo zie je maar dat het af en toe heel mooi is om uit je comfort zone te treden.
Wat ik verder heel leuk vond waren les Kaléidophones. Dat zijn hele grote sculpturen, geluidssculpturen. Ze staan verspreid tussen de bomen, ze zijn geheimzinnig en je wil heel graag ervaren wat er gebeurt. Geluiden horen en een beetje zelf sturen, fantastisch gedaan.
We gingen ook nog naar het Belvédère, een klein museum waar ik nog niet eerder was en daar kom ik nog op terug.
Maar ik kan je verzekeren: het was een topdag daar in Oranjewoud. Tss... wij op een festival: het moet niet gekker worden!


















