Totaal aantal pageviews

zondag 19 november 2017

Aan de oever van de Rotte

Ha, gisteren stond ik ineens aan de oever van de Rotte.

Kijk dit is 'm dan.
En nu zal ik niet zeggen dat het staan aan de oever van de Rotte nummer 1 op mijn bucketlist was, maar ik vind zulke dingen wel heel erg leuk. Nog nooit had ik aan de Rotte gestaan en nu dus wel. Hoe bijzonder!
Het liefst zou ik daar ter plekke in gezang zijn uitgebarsten, maar ja ik was daar niet alleen en de tekst van het beroemde lied 'Aan de oever van de Rotte',  kende mijn maatje niet.  En om daar nou in m'n eentje te gaan staan zingen...
Ik stond daar nota bene met een echte Rotterdamse, die zowat aan de Rotte wóónt, maar desalniettemin dit dramatische lied niet kende...
Tsss, het is gewoon cultureel erfgoed.
Een schande vind ik het. Ook de echtgenoot van deze  Rotterdamse kende het lied niet. Nou vraag ik je.
Ik heb het nog wel eens aan een klas kinderen aangeleerd,  uiteraard net voor we op kamp gingen. Die kinderen vonden het fantastisch.  Dat zeg ik... cultureel erfgoed!
(Overigens leerde ik zo'n klas ook het Wilhelmus als ons verleden ter sprake kwam, zonder dat het door de regering verplicht was gesteld, haha)




Enfin, dit gezegd hebbende, meld ik dat het hier ging om Els. Van het blog KnutzEls  
Zij is die Rotterdamse.
Op dit minpuntje na,  hadden Els en ik een mooie dag.
We gingen een workshop doen. Kaarten maken olv. Corine van Kuilenburg.
Met oxyde inkt en stempels.
Ik maak nooit kaarten; toch kan ik het geleerde goed gebruiken voor ATC's
De kaarten die ik nu maakte, zijn niet heel erg gelukt. Ik had niet anders verwacht, in zo'n gezelschap kan ik dat gewoon niet zo goed.
Toch heb ik er wel veel van geleerd, precies de bedoeling van een workshop toch?
Straks ga ik in alle rust een klein beetje oefenen
Dit zijn niet mijn kaarten, maar zo zie je in ieder geval wat de bedoeling was:


Leo en Els haalden me van het station en brachten me er ook weer naar toe. Els had een heerlijke ovenschotel gemaakt en tussendoor kletsten we natuurlijk, zoals we dat altijd doen. Misschien door de workshop iets minder dan anders.  Dat komt wel weer een andere keer.
Els en Leo: dankjulliewel! Het was fijn.




zaterdag 18 november 2017

Twee kaartjes


Kijk wat een schattige kaartjes. Een tijd geleden kocht ik ze op de Noordermarkt.
Ze zijn allebei gericht aan Willy Redegelt. Kan een meisje of een jongetje zijn, maar hoe dan ook, hij of zij bevond zich in 1934 in de ' Kinder Kleniek' van het Binnengasthuis. Kijk maar:

Ik ben dan wel zo dat ik ga googelen op Willie Redegelt. Maar meestal vind ik niks. Bijna niks. Het heeft natuurlijk geen zin om op Marietje Visser te googelen, want hoeveel Marietjes Visser zullen er wel niet geweest zijn in de loop der jaren.
Maar de naam Redegelt had ik nog nooit gehoord, dus denk ik meteen dat het een niet veel voorkomende naam is. En dat is dan misschien een kans.

Enfin, om kort te gaan: ik kwam uit in Duivendrecht. Dat was al mooi, want het kan natuurlijk best zijn dat een ziek Duivendrechts kind naar het Binnengasthuis in Amsterdam moest. Ik las het volgende in het blad Oud- Duivendrechtse Saeken:

'De melkhandel van de familie Redegeld, met een D is voor mij de oudste melkhandel van Duivendrecht: de heer Redegeld verzorgde tevens fietsreparaties. De familie bestond uit vader Jan Redegeld, de moeder en drie dochters Willy, Jo en Tonia. Redegeld kon niet werken, had een fistel in de rug, liep krom en met een stok. Zij begonnen een melkhandel. Zijn vrouw kwam 's morgens met een melkkar waarop gepoetste melkbussen stonden. Verkocht de losse melk per liter bij de burgerhuizen die er toen in Duivendrecht stonden. Helaas is zij toen in de bocht van de toenmalige Rijksweg aangereden en overleden (omstreeks 1930?). Willy Redegeld is later getrouwd met Dirk Andriessen. 

Best een zielig verhaal hè, met dat ongeluk van die moeder. Daarna werd er natuurlijk niet meer zo goed gezorgd voor de kleine Willy, waardoor ze ziek werd en... en.. Ik zou er een boek over kunnen schrijven.

Verder kwam ik niet. Ja ik vond ook nog een hele slechte foto van de kleuterschool Sint Joannes met daarop o.a. Willy Redegeld.
Maar ja, er zijn natuurlijk veel meer hondjes die Fikkie heten, dus het is volkomen onzeker.

Heeft dit enig nut? Nee hoor, helemaal niet. Maar ik vind het gewoon leuk om zo een beetje te speuren. Anders ga ik me maar vervelen natuurlijk en dat moet niet. Dat snap je wel.

Ik zou verder heel graag iets willen weten over de tekenaar van de kaartjes. Dat heeft me ook al veel tijd gekost, maar ik kom geen mm verder.
Tja... soms ontdek je iets, zoals hier bijvoorbeeld, klik
En soms helemaal niet!




vrijdag 17 november 2017

Wind River

 Het verhaal van deze film:
Cory Lambert is een wildjager en een speurder. Hij werkt in het koude, bar koude indianenreservaat Wind River. Bevroren landschap.
Cory moet bijvoorbeeld wolven doden als dat nodig is voor de veiligheid van dieren op een boerderij.
Op een dag is hij aan het jagen en ontdekt het bevroren lijk van Natalie, een tiener en native American. Afkomstig uit het reservaat.  Zijn eigen dochter was met haar bevriend.
FBI-agente Jane Banner wordt ingeschakeld om de moord te onderzoeken. Zij is nog heel jong en onervaren.  Ze wordt tijdens haar onderzoek begeleid door Cory, die haar wegwijs maakt, in de kou van Wyoming en door Ben Shayo de plaatselijke politieagent. . Hoewel Jane en Cory zeer verschillend zijn, moeten ze samenwerken om de moord op te lossen, maar ook om zich zelf te beschermen.

De film kun je bekijken als een thriller, maar er zit meer achter. Liefde, rouw en verdriet. Ik vond het een hele mooie film, ik was onder de indruk.
Daarom hier de trailer:




donderdag 16 november 2017

Laatste dagen op Ellis Island

Wij waren verschillende keren in New York, mijn favoriete stad.
Een van de keren dat we er waren bezochten we Ellis Island.
Dat is het eiland waar immigranten vroeger aankwamen en o.a. een medische keuring moesten ondergaan.
Er zijn er miljoenen geweest, tussen 1892 en 1954, rond de twaalf miljoen.
Mij heeft het altijd gefascineerd. Dat mensen alles achterlaten, familie, vrienden en soms wat spullen, om opnieuw te gaan beginnen, de kans op een beter leven.
De hoop die die mensen koesterden, maar ook het verdriet. En het was een andere tijd hè, de contacten met het oude land verliepen moeizaam, of niet. Niet zoals nu bij ons, dat je iemand spreekt heel ver weg en dat het lijkt of diegene naast je zit.
Op Ellis Island, dat nu een museumeiland is, heb ik mijn ogen uitgekeken. Werkelijk.
We hadden in New York heel veel te doen natuurlijk, iedere keer weer, dus we zeiden dat we hier beslist nog eens naar toe wilden. Dát is er niet van gekomen en dat gaat ook niet meer gebeuren, maar de fascinatie is gebleven.
Toen ik dan ook vorige week in de bieb dit boekje zag liggen, nam ik het meteen mee. En ik kon ook niet eerst mijn andere boeken uitlezen, nee, dit moest eerst. Geen twijfel mogelijk.
Het is maar een dun boekje, recent verschenen. Geschreven door Gaëlle Josse, die er de Europese Literatuurprijs mee verdiende. Terecht in mijn ogen.
Ze schrijft mooi en het verhaal is boeiend. Verhaal ja, want het is fictie. Ik dacht aanvankelijk dat het echt was, maar dat is niet het geval. Gaëlle Josse bezocht Ellis Island in 2012, raakte ook gefascineerd en voelde een paar weken later dat dit boekje er moest komen.

Het verhaal:
Het is 1954 en John Mitchell, de directeur van Ellis Island, de man die er vanaf 1910 werkte en woonde, staat op het punt het eiland te verlaten voor de laatste keer. Hij heeft nog negen dagen voordat de Immigratiedienst alles komt afsluiten, voorgoed. 
Zijn werk is klaar, de dossiers kloppen, alles is geordend en gearchiveerd, eigenlijk heeft hij niets meer te doen. 
Alleen nog terugkijken op wat er allemaal gebeurd is, met de immigranten, maar ook in zijn persoonlijke leven. 
Alleen nog terugkijken en dat doet Mitchell door een aantal gebeurtenissen op te schrijven. Terugkijken, maar ook afrekenen met wat hem persoonlijk het meest heeft geraakt en wat hem heeft beïnvloed. Afrekenen met zijn schuldgevoelens ook.
Het verhaal begint met een gelukkige periode, die helaas te kort duurde en waarin John getrouwd was met Liz, een verpleegster die ook op het eiland werkte. Als lezer kom je er heel wat te weten over de gang van zaken.
Daarna vooral het verhaal van immigrante Nella Casarini en haar broertje Paolo. Zij waren Italiaanse immigranten en kwamen aan met de stoomboot Cincinatti.  John Mitchell zou het liefst deze boot, die aankwam in 1924,  uit de archieven verwijderen. Dat doet hij niet en hij vertelt wat er allemaal gebeurd is. 

Ik vond het boek (154 blz.) mooi en indrukwekkend. Een aanrader.

Wat ik zei, de schrijfster heeft fictie gemaakt, maar het zou zomaar zo gegaan kunnen zijn. Toch zijn er drie figuren in het verhaal,  die gebaseerd zijn op mensen die er echt waren.
De belangrijkste van die drie is de klerk A. F. Sherman, die er ook werkte. Hij maakte op persoonlijke titel tussen 1905 en 1925 heel veel foto's van immigranten. Die zijn op Ellis Island te bewonderen. In het echt.
In het boek heeft deze man een nare rol, 'maar', zegt de schrijfster, 'ook dat is fictie'.

Ik laat drie van zijn foto's zien, gevonden op Internet



Deze natuurlijk, omdat ook Nederlanders emigreerden, mét hun kinderen.

Deze Italiaanse vrouw, omdat het zomaar Nella  Casarini uit het verhaal geweest zou kunnen zijn.

En tenslotte deze, omdat het precies het beeld geeft van hoe het naar mijn idee was:



woensdag 15 november 2017

Eigen Atc's

Op verzoek laat ik nu een paar van mijn eigen Atc's zien.
Eigenlijk een collage van mijn eigen collagetjes. Want dat is wat ik doe, knippen, plakken, stempelen.Papiertje uitzoeken, achtergrondje schilderen. Kleine collages maken.
 Het ziet er misschien simpel uit en dat is het ook wel, maar toch ben ik altijd lang bezig aan een kaartje. Een uur, anderhalf uur. Soms nog langer. Ik leg zo'n kaartje ook wel eens even weg en begin dan later weer opnieuw.  En je wilt niet weten hoeveel ik weg gooi.
Het fijne is dat het zo klein is. Ik zit lekker te tutten achter mijn bureau, radio aan. Ik maak altijd veel rommel, maar het is ook zo weer opgeruimd.
Enfin, zolang er nog mensen zijn die willen ruilen, ben ik tevreden.

Zelf vind ik de postzegelman wel leuk geworden en de boodschappenvrouw.
En mochten er nu mensen denken 'hmmm toch wel leuk om eens te proberen',  ik wil wel ruilen hoor. 

dinsdag 14 november 2017

Broadway


Het koor waar ik zeventien jaar lang heb gezongen bestond dit jaar vijfentwintig jaar. En dat betekende een jubileumvoorstelling.
Ik weet wat een gigantische klus dat is. De Parkschouwburg drie avonden en een middag bezetten, vier voorstellingen geven dus.
Bij Broadway wordt alles tot in de puntjes geregeld, echt alles.
Er is een fantastisch combo, de dirigent is een prof en de regisseur ook. Daarbij komt ook nog een groep dansers olv een choreografe en dan kun je eigenlijk niet meer spreken van een amateurkoor.
Ja, ik weet hoe hard en hoe lang er geoefend wordt. Op de liedjes en vooral ook op de bewegingen. Het ziet er strak uit, maar 160 mensen gelijk hun hand laten opsteken, 160 mensen laten verplaatsen op het toneel, 160 mensen zich laten verkleden (5x), acht solisten uit het koor begeleiden,  dat vergt oefening. Maar dan heb je ook wat!


Ik ben twee keer geweest. Zo geweldig vond ik het.
De eerst avond was ik met mijn dochter. Die vond het ook fantastisch, maar zij en ik zijn enigszins bevooroordeeld, omdat onze man en vader nog steeds meezingt met het koor. Hij is echt al vijfentwintig jaar lid.
Maar de tweede avond ging ik met een vriendin die het koor nog nooit had gezien en ze heeft erg genoten.

Ik heb wel eens betere foto's gemaakt. De eerste avond had ik er niet eens aan gedacht, zo geboeid was ik. En ook de tweede keer bedacht ik pas na de pauze dat ik dat wel eens kon doen. Ik laat ze dan ook alleen maar zien omdat je dan kunt zien hoe afwisselend de opstelling van het koor en de kleding is. Evenals trouwens de achtergronden al zie je dat dan weer net niet.

En dan de volgende morgen snel naar beneden om de recensie in de krant te lezen. Nou, de recensente had ook genoten hoor:



Ps. De man met de hoed op foto 2 is die van mij.
Ps.ps. De vrouw in de zwarte jurk, vooraan op foto 1, die vrouw heeft jaren achter me gestaan bij de alten. Natuurlijk kon ze zingen, maar in die tijd soleerde ze niet. Nu wel en wow wat een stem, wat een uitstraling, zo goed!

maandag 13 november 2017

Artist Trading Cards

Kijk, dit zijn een paar Atc's die ik de laatste tijd ontving van over de hele wereld.
Geruild met de makers. Veel Amerika, trouwens.
Ik vind het heksje (bovenste rij) het allerleukst, omdat de maakster het stempeltje zelf heeft gemaakt. Zo leuk gedaan. Die maakster kwam trouwens niet uit Amerika, maar gewoon uit Friesland.
Ik heb nog veel meer geruild, het gaat eigenlijk altijd wel een beetje door. Maar deze zijn vrij recent.
Tja, een mens kan er maar lol in hebben. 
Ik doe het al zeker tien jaar, Atc's maken en ruilen. Soms eens even niet, maar dan gaat het na een tijdje toch weer kriebelen.
Ik ben ook altijd op zoek naar materiaal. Plaatjes vooral.
Het is echt een leuke hobby. Wel jammer dat de postzegels zo duur worden. Maar ja, andere hobby's kosten ook geld.

En voor degenen die hier nieuw zijn en niet weten wat een Atc is: dat is een klein kaartje met een vastgestelde maat (6,4 x 8,9). Je bewerkt zo'n kaartje, je maakt er iets leuks van en hoe je dat doet is helemaal vrij, de mogelijkheden zijn oneindig. Je knipt, plakt, stempelt, tekent, schildert, wat je maar wilt. Het enige dat vast staat is de maat.
Dan plaats je ze ergens waar anderen het kunnen zien, tegenwoordig vaak op Facebook en dan ga je ruilen.En dan levert dat leuke post op en soms leuke contacten. Dat is het.

zondag 12 november 2017

Meester van het licht

Ik had helemaal geen zin meer in de tentoonstelling: Emanuel de Witte, 1617-1692, Meester van het Licht.
We waren in het Stedelijk museum in Alkmaar net naar het verhaal van de beerput geweest. Met de ring en het prachtige schoentje van Maria Tesselschade en ik had daar zeer van genoten. Klik
In het zelfde museum was Emanuel de Witte.
Ik wilde niet gaan, maar omdat we er nou eenmaal waren, gingen we toch.
Ik dacht: 'Ik loop er in en er meteen weer uit en dan ga ik even in de museumwinkel snuffelen. Of een kopje thee drinken, terwijl mijn man kijkt, want die wil altijd in kerken kijken'.
Maar ik liep er helemaal niet uit. Integendeel, ik heb de meeste schilderijen uitgebreid bekeken. En dat kwam door het eerste schilderij

Emanuel de Witte schilderde kerk-interieurs. Dit is er zo een, het is het interieur van de Oude Kerk in Delft en het werd geschilderd in 1650 of 1652.
Zie je die jongetjes die daar lekker op een zuil staan te tekenen? En dat hondje, in het volle licht?

Ha, ik was meteen verkocht.
Zo waren er veel interieurs te zien. Ik vond dit ook een hele mooie:


Dit is het interieur van de Nieuwe kerk in Delft en het werd geschilderd in 1656. De man in de rode mantel trekt de blik van de kijker naar het graf van Willem van Oranje. En dan die jongen met die honden. Kijk:

Zo wil ik wel kerk-interieurs bekijken hoor. Er waren opvallend veel honden te zien op de doeken. Erg mooi.
En trouwens er waren niet alleen kerkinterieurs. Ook niet alleen uit Delft. Zo was bijv.  de Nieuwe Kerk in Amsterdam vereeuwigd evenals de Oude Kerk.
Dit was er ook:


 Het is het portret van Adriana van Heusden en haar dochter op de Vismarkt in Amsterdam. Geschilderd in 1662/1663.


Die Adriana was de huisbazin van Emanuel de Witte. Die kwam weliswaar uit Alkmaar, maar woonde en werkte in Amsterdam.

Wat ik bovendien heel erg leuk vond, was dat in de ruimte waar de schilderijen hingen, heel wat bidstoeltjes waren geplaatst. Je kon er zitten en je even in een kerk wanen. Wat een goed idee. En je ziet dat het licht niet alleen op de schilderijen bijzonder was.


Dit was dus een tentoonstelling waar ik nooit speciaal voor naar Alkmaar zou zijn gegaan. Echt niet.
Maar wat vond ik het leuk. Echt geluk gehad dus.
Je kunt er nog heel lang heen hoor, tot 21 januari 2018. Meer info: klik




zaterdag 11 november 2017

Back to Terschelling

Er zijn mensen die echt heel erg van vuurtorens houden. Ik ook.
Al is dit niet mijn raam. Dit is het raam van een Terschellinger die vlak onder de Brandaris woont.
't Is een aparte vuurtoren hoor, die Brandaris.
Genoemd naar een Ierse abt, Brandaan, die ooit een zeereis van zeven jaar ondernam om het Beloofde Land te vinden.
Hij werd de beschermheilige tegen het vuur én de beschermheilige van de zeevarenden.

Gezien de branden die door de Engelsen werden aangestoken (1666) en waar ik eerder over vertelde,  een zeer gepaste naam.
De toren is echt sterk, stevig en robuust.
Je ziet hem altijd als je op Terschelling aankomt, vanaf de boot en ook als je weer vertrekt.
En je ziet hem vanaf heel veel plaatsen op het eiland.


Hij staat er al zo lang.
De eerste Brandaris was van 1323. Die stortte in zee (eilanden verplaatsen zich).
Deze dateert uit 1594.
Hij is met zijn zeven verdiepingen 53 meter hoog. Het licht zit iets hoger.
Tja, er is nog wel meer te vertellen over de Brandaris. Dat het de oudste vuurtoren is, dat hij nog steeds in gebruik is, nu om de Waddenzee te controleren.
Maar ik vind het welletjes.
Ik heb nog een foto die ik perse wil laten zien. Het is een boom, op een duintop.
Fietsend over het eiland zagen we die boom zo vaak, dat we er beslist  naar toe wilden wandelden/klimmen.
Ook deze boom is, net als de Brandaris, zo bij Terschelling horend vind ik.


 Ik zou eigenlijk graag alle waddeneilanden willen bezoeken. Ik was tot nu toe alleen op Terschelling en op Texel.
Maar mijn man en mijn dochter willen volgend jaar weer de Berenloop doen. Ik hoop het van harte en ga dan zeker mee.






vrijdag 10 november 2017

Cranberry's

Als je op Terschelling bent, kun je de cranberry bijna niet missen. Het besje is echt een symbool geworden voor Terschelling.
Er hoort natuurlijk een verhaal bij. Namelijk:
Vroeger,  zo rond 1830,  werden er in Amerika cranberry's gekweekt. Besjes, rijk aan vitamine c, op schepen een probaat middel tegen scheurbuik.
De bessen werden ook wel naar Europa geëxporteerd, in manden en vaten.
Waarschijnlijk is er ooit zo'n vat overboord geslagen en op Terschelling aangespoeld. Een jutter nam het vat mee en de  halfrotte bessen kiepte hij onderweg in een natte duinvallei.
Ha, en daar ontkiemden de zaden en verspreidden zich over het eiland.



Sindsdien is er een cranberry-cultuur op Terschelling.
En die wordt gekoesterd hoor. Alle produkten op de collage hierboven en ook dit schilderij zagen we in de Cranberryschuur.
Je kunt er lekker taart eten, cranberrytaart uiteraaard en thee drinken, cranberrythee natuurlijk. En er is veel te zien.
Zelf ben ik opgegroeid met cranberry's. Mijn grootvader was, zoals ik vertelde,  een Terschellinger en ik denk dat daarom mijn moeder altijd bij het kerstdiner cranberry's serveerde. Ze moest er altijd veel moeite voor doen om ze te pakken te krijgen,  dat weet ik nog wel.
Tja en dan was er zo'n schaal vol met cranberrycompote en dan vond ik dat helemaal niks.
Terwijl ik het nu lekker vind, echt lekker.
En gezond is het ook, met name bij blaasontsteking.


En dat ik ze tenslotte (dankzij de oplettendheid van mijn man),  ook nog eens in het echt zag, maakte het extra leuk. Dit was in een prachtige duinpan. En in de verre omtrek waren geen andere besjes te zien. Dus ik denk echt dat we hier een paar verdwaalde cranberry's zagen. In het wild!