Totaal aantal pageviews

donderdag 10 december 2020

Vrijheid

 


Wat was het heerlijk op het strand. Het voelde licht en luchtig. Laag water, opkomend. Nauwelijks wind, maar toch behoorlijke golven. Het geluid van de branding. Veel schelpen. En de zon die doorkwam en precies de tijd van onze wandeling zachtjes bleef schijnen. 
Slechts een handjevol mensen op dat grote strand op dinsdagmorgen. Ik ervaarde een groot gevoel van vrijheid


Van dit mooie stel hebben we een hele tijd staan genieten. Twee verschillende vogels, maar het leek net of de grootste het kleintje wat wilde leren.


'Kom maar kleintje, let goed op mij en probeer maar te doen wat ik doen. Je leert het wel hoor'. 




'Zie je nou wel. Goed gedaan. Ik blijf voorlopig nog in de buurt hoor'. 


De grootste vogel was trouwens geringd. Ik kon het nummer zien. (thuis, op de foto). Ik zou best iets meer er van af willen weten, maar hoe kom ik daar nou toch achter? Nou, je snapt dat dit weer enig onderzoek vergt. Never a dull moment!



woensdag 9 december 2020

Auto. Oranje auto

 

Hier zie je waarom ik laatst ineens zo geïnteresseerd was in oranje. 
Dit is namelijk onze nieuwe auto en die is oranje. Het is een oranje monster. 

Zo, dat is er uit. 

Bijna tweeënhalf jaar geleden kregen wij een auto-ongeluk. Klik
Wij mankeerden niks, maar de auto was total-loss. 

Een paar dagen later stelden we ons de vraag wat voor nieuwe auto we zouden kiezen. 
En besloten vervolgens helemaal geen auto meer te nemen. Om meerdere redenen. 
We besloten het voorlopig zonder te proberen en na de winter een echte beslissing te nemen. We kochten goede fietsen en... we waren zeer tevreden. Zeer! 
Er was maar een echt nadeel en dat was dat we niet meer standaard een dag in de week gingen oppassen in Den Haag en in Amsterdam. Dat is niet te doen als je op een redelijke oppastijd wil aankomen. Lastig voor onze kinderen, maar die vonden oplossingen. Natuurlijk vonden ze die. 

Maar verder hebben we de tijd en we kwamen overal waar we wilden komen met het openbaar vervoer. Dat fietsen beviel zeer goed en het ov ook. Iedereen was er bij gebaat. We waren ook erg tevreden over ons zelf. Dus na die winter hebben we nog geen seconde overwogen om toch weer een auto te nemen.

Tja en toen kwam Corona. 
Er was vanaf het begin geen schijn van kans dat we in bus of trein zouden gaan zitten. 
Doorbijten en slikken dus en heel veel fietsen. Ik denk dat we echt ieder fietsknooppunt hier in West-Friesland hebben gezien. 
Maar herfst en winter kwamen er aan en dat benauwde ons. Er was nog geen zicht op verandering. 
We voelden ons opgesloten en ook een beetje bang. Wat als een kind van ons echt heel ernstig ziek zou worden. Konden we er dan komen? Wat als we zelf ziek zouden worden. Op de fiets naar een teststraat, een redelijk eind uit de buurt? Ziek in een taxi gaan zitten? Ziek hulp vragen aan anderen? 

Dus nu leasen we een auto. Voor twee jaar, in de hoop en de verwachting  dat we er dan weer vanaf willen. Het is een automaat en dat moest even wennen, maar dat is inmiddels gebeurd. 

De auto is oranje en echt lelijk, maar fleurt zowel het parkeerterrein als een grauwe grijze dag lekker op. 
We zijn goed zichtbaar en het gekke is dat zo'n kleur snel went. 
Ik heb helemaal niks met auto's, maar deze herken ik tenminste.  Aan de kleur. 
Bovendien is-ie van binnen beschaafd zwart. 
Was er dan geen andere kleur? Zeker wel, maar heel raar,  dat scheelde zo'n driehonderd euro per jaar en dat hadden we er echt niet voor over. We wilden eigenlijk helemáál geen auto, dus wat maakt het uit. 

Afgelopen weekend maakten we voor het eerst een lange rit, naar Den Haag. Ook langs de plek van het ongeluk. 
Ging prima en we hebben lekker een eind gewandeld met onze kleinzoons en Sinterklaas gespeeld, daar en vervolgens ook in Amsterdam. 
En gisteren zijn we naar het strand gereden.  Het was heerlijk! Een beetje vrijheid terug.




dinsdag 8 december 2020

Beekman en Beekman

Het programma van Frits Spits, De Taalstaat, is een programma waar ik graag naar luister. Een programma over taal, met liedjes, boeken, eigenaardigheden, mensen, allemaal over taal. 
Deze zomer was een onderdeel van het programma: De Boekenlijst van de Taalstaat. Mensen konden dan een favoriet boek voor die lijst voordragen, vertelden er iets over, lazen een stukje voor. 
Dat allemaal om ons,  luisteraars,  op een idee te brengen, enthousiast te maken. Omdat lezen fijn is, juist in tijden van Corona

Enfin, daar is een lijst uit voortgekomen van 100 boeken. Ik wilde iets schrijven over een boek uit die lijst, een boek waarvan ik de bespreking had gehoord, een erg leuk boek. 

Het is dit boek: Beekman en Beekman.  Van Toon Kortooms. 


Dat is beslist het boek waar ik het hardst om heb gelachen,  van alle boeken die ik ken. Het meest, het hardst, gewoon zitten schateren, onbedaarlijk gelachen.
Ik had nooit gedacht dat dit boek op die lijst zou komen. Want zeg zelf, hoeveel boeken ken je die zo grappig zijn dat je echt in een deuk ligt. Ik geen een. Tja,  literatuur is een serieuze zaak, toch?



Het gaat over de gebroeders Heintje en Matje Beekman, een tweeling. Zij wonen in de Peel, Deurne.  Hun vader is molenaar, hun moeder huisvrouw en je ziet de twee boeven opgroeien tot grote vreugde van hun ouders. Kind, puber, man.  Hun niet zo slimme buurjongen, de boerenzoon Hendrik van Ham, nemen ze voortdurend in de maling en ze vreten van alles uit. 
De jongens hebben hersens en gaan op een gegeven moment naar een internaat om verder te leren en daar ontmoeten ze Bertje van Rooy en gedrieën halen ze weer van alles uit. Als ze van school zijn wordt het oorlog en leren we een andere en serieuzere kant kennen, ook van Hendrik van Ham. 
 
De tekeningen in mijn exemplaar, zijn van Henk Kneepkens en zoals hij ze tekende, zo zie ik dus ook de gebroeders. Hier zie je ze bijvoorbeeld na hun eerste kostschoolnacht. 
Het was natuurlijk ten strengste verboden zich in elkaars chambrette te bevinden en deze broeder kwam ze dat eens eventjes vertellen. Maar hij streek met z'n hand over z'n hart toen de jongens zo onschuldig als wat,  vertelden dat ze hun hele leven al bij elkaar sliepen.
 
Beekman en Beekman. Dit boek is niet gesneuveld tijdens mijn grote opruiming en ik heb weer gedeeltes gelezen. Nog steeds grappig, prettig geschreven, niet in dialect, maar toch door de zinnen en door sommige woorden in de taal van de streek. 
Ik heb er weer om zitten lachen, hardop. 
Kennen jullie het? Of de andere boeken van Toon Kortooms, die zich ook afspelen in de Peel? 

Ik heb nu net een paar niet zo vrolijke boeken achter de rug en ik heb wel behoefte aan iets vrolijks. Dit was er een, maar verder? Tips, iemand?

De complete lijst van de Taalstaat, vind je hier. Klik 
Van die honderd boeken heb ik er zesenveertig NIET gelezen. Best veel.  
Soms omdat een eerdere ervaring met die schrijver me niet was bevallen (Cees Nooteboom), soms omdat ik boek/schrijver totaal niet ken (Over het water,  H.M. van den Brink), soms omdat ik er aan was begonnen maar het niet uit las wegens geen zin meer in (Godenslaap van Erwin Mortier).
Er stonden ook een paar lievelingsboeken op (Kees de Jongen, Meester Mitraillette) en een paar waarvan ik denk dat ik die nog wil lezen. (Rutger Bregman). En twee zoals Beekman en Beekman, die ik zelf heb en die gerust nog een keer in de herhaling mogen. (Belcampo)


maandag 7 december 2020

Shame

 


A few days ago  vandals spread white paint over the faces of black, historical and important Surinamese persons on this mural. 
Outside the black archives in Amsterdam. 

The mural was made this summer by Hedy Tjin and Dewy Elsinga. 
I heard about it, but as I'm  not able to go to Amsterdam, due to Corona, I had not seen it yet. 

It's such a shame.  I don't think this is only vandalism, this is racisme. 

Watch the painting here: click

Linking to Colourful world. 

zondag 6 december 2020

De eerste kerstkaart

 


Ok, ik mag er dan ook dit jaar niet in geslaagd zijn om zelf kerstkaarten te maken, ik ga er,  zoals ieder jaar,  wél in slagen kerstkaarten te versturen. Zelf uitgezocht en zelf geschreven. 
En al met al zijn het er veel. Dus ik dacht vorige week dat ik wel vast kon beginnen met een paar adressen schrijven, postzegels plakken en zo. 

Terwijl ik bezig was, vroeg ik me af wanneer de eerste kerstkaart werd verstuurd en ik dacht om een of andere reden dat dat vast in Engeland was.  Wanneer? Geen idee.

De volgende dag, echt de volgende dag,  kreeg ik een mailtje van het Geschiedenis Magazine, met daarin een verhaal over de eerste kerstkaart. Weer zo'n bijzonder toeval.

Die kaart werd inderdaad bedacht in Engeland, in 1843. Het was in die tijd de gewoonte aan het eind van het jaar een lange brief te sturen aan vrienden en verwanten. Heel grappig, ik heb een Engelse nicht en zij deed dat ook. Een lang verhaal over het afgelopen jaar, de kinderen, werk enzovoorts, gekopieerd en dan voor iedereen apart er iets bijgeschreven. Erg leuk.

Terug naar 1843.  Sommige mensen kregen wel erg veel post en moesten dat dus ook allemaal beantwoorden. Sir Henry Cole was er zo eentje en die gaf toen een ontwerper, John Horsley,  de opdracht een kaart te ontwerpen. Aldus geschiedde. Zijn ontwerp zie je hierboven. (Foto Wikipedia)

Even goed kijken wat er nou precies op staat. Links en rechts iets met armen, (uit)delen en in het midden feest, kerstdiner.

Dat Geschiedenis magazine is een mooi blad vind ik. Ik lees het wel in de bibliotheek, maar nu dus al heel lang niet. Ze sturen  vaak een informatief mailtje en je kunt volger worden op Insta en dan krijg je regelmatig een historisch feit voorgeschoteld, een weetje. Leuk toch?


zaterdag 5 december 2020

Roodkapje

 

Dit is nummer 209. Ik heb nu bedacht dat ik af en toe maar eens op Marktplaats moet kijken en niet alleen kijken, maar ook kopen. Dit is er een voorbeeld van. Een oude kaart, maar zonder kenmerken. 

En ik vond er nog een:


En deze is echt bijzonder. Ik denk dat het de oudste is. Van al mijn kaarten.  De kaart is beschreven en gestempeld op 12 april 1917. In Rotterdam.
Er zit een fraaie Wilhelminapostzegel op, van 3 cent. Kijk, de achterkant





vrijdag 4 december 2020

De langste nacht

Dit boek dus.
Van een schrijver waar ik ik nog nooit van had gehoord, Otto de Kat. Dat is trouwens een pseudoniem voor Jan Geurt Gaarlandt. Van hem had ik wel gehoord, want hij schreef recensies in Vrij Nederland toen ik dat blad nog las. Goeie recencies, maar dit terzijde. Hij is ook uitgever (geweest).

Dat boek. 
Emma Verweij is zesennegentig en bezig met dood gaan. 
Versterven, dat is wat ze doet. Ze eet niet meer, ze drinkt nog een heel klein beetje en ineens wil ze nog een beschuitje met frambozenjam. De zuster zorgt goed voor haar en brengt het. Het wachten is op haar twee zoons en op het team, want de afspraken over haar dood zijn gemaakt, geregisseerd door Emma en zullen worden uitgevoerd.

Emma is tevreden en haar leven flitst door haar hoofd. 
Ze is een beetje verward, er zit niet echt een goede volgorde in die herinneringen. Maar dat maakt niet uit. De herinneringen zelf zijn volkomen duidelijk en boeiend. 
Leven in Berlijn voor de oorlog.  Haar eerste man,  een Duitser. Terug in Nederland, een nieuwe grote liefde. Het leven in het naoorlogse Nederland. Haar ouders, haar familie. 
Emma...

Ik heb echt best wel veel gelezen over en ben altijd geboeid geweest door de oorlog, veel moois gelezen. 
'Door de oorlog aangeraakt' las ik ergens over de schrijver (1946). Dat ben ik ook denk ik. Door de oorlog aangeraakt. 
Maar dit boek, is heel bijzonder. Het is zo prachtig geschreven, wat taal betreft. Het is rustig, het is  ingetogen. Het is eerder melancholisch dan treurig of droevig. 

En het fijnste is dat dit het vijfde boek is van deze schrijver en dat die andere boeken als het ware op mij wachten en meer zullen vertellen over dezelfde personen die Emma ziet op haar sterfbed. Mooi, want die maakten me nieuwsgierig. 



 

donderdag 3 december 2020

Soms vallen dingen samen



 
Vorig jaar liet ik hier deze foto zien. Het is er eentje van de fotograaf Eva Besnyö en gemaakt in 1938. 
We zagen hem op een tentoonstelling in het stadsarchief. 
Ik zei nog dat ik deze foto graag heel groot zou willen hebben en in de kamer zou ophangen. 
'Maar ja',  zei ik erbij, 'dan zou ik wel ruimte nodig hebben en die heb ik niet'.
Mijn man heeft die ruimte dus ook niet, maar hij trok zich van dat argument niets  aan en maakte een prachtige afdruk van deze foto van een foto. 
Hij deed dat op de maat van een lijst  die we nog hadden en die er precies bij paste.
De foto hangt niet, maar staat ergens en ik mag wel zeggen dat ik er dagelijks naar kijk. 
Het verveelt nog steeds helemaal niet.

Enfin, zoals ik al vaker heb verteld heb ik dit voorjaar en deze zomer flink opruiming gehouden. Ook in onze boekenkasten. 
Er waren boeken die ik echt nooit meer ga lezen, al dacht ik vroeger van wel. 
Die zijn allemaal weg. Er is nog genoeg over. 
Ik vond ook een paar boeken, niet veel gelukkig, die niet waren gelezen en ik nam me voor om dat alsnog te doen. 
Een van die boeken stond gewoon in de boekenkast, ik zag alleen de onopvallende rug en zonder de grote opruiming had dat boek er nog jaren ongelezen kunnen staan.
Nu viste ik het er uit en wist niet wat ik zag, daar was die foto van Eva Besnyö op de kaft. 
Met als titel De Langste Nacht. De schrijver?  Otto de Kat.
Misschien dat ik, o.a. doordat ik die foto dus al kende, de foto op de tentoonstelling zo mooi had gevonden
Ik wist ook meteen weer dat het boek een cadeau was geweest voor mijn man, van zijn broer Paul. 
Schandalig eigenlijk. Waarschijnlijk even tijdelijk opgeruimd en er nooit meer aan gedacht. 
Ik begon in  het boek en ik ben zeer onder de indruk. Verpletterd mag ik wel zeggen. 
Echt,  wat een prachtig geschreven, fantastisch mooi boek. 
Ik had al een paar boeken van het jaar. En ik heb nog vier weken natuurlijk, maar ik weet al bijna zeker dat dit mijn enige echte boek van het jaar wordt. 
Morgen meer erover. 

woensdag 2 december 2020

Tijd voor mijn jaarlijkse traditie

Daarnet heb ik de kaart verloot. Ik wil hem graag sturen aan Alet. Stuur je je ades even, Alet? bettievdgriend@hotmail.com.  

Dan de traditie. Ik heb er maar een hoor, hier op mijn blog. En dat is dat ik hier ieder jaar mijn ultieme decemberlied laat horen. Trouwe lezers (en dat zijn er een heleboel, waarvoor dank), weten dat ik nu doel op When the Thames Froze, van Smith and Burrows. Als je het jarenlang hier hebt gehoord, kun je lekker meezingen inmiddels. Ik heb zelf net twee keer achter elkaar meegezongen.

En als je er naar luistert,  let dan even op een stukje tekst dat dit jaar wel heel toepasselijk is: The years go by so fast, let's hope the next beats the last. 

Let us hope:

 

dinsdag 1 december 2020

December, Dinsdag 1 december


Nog een keer  een blad uit mijn agenda van vorig jaar. Omdat 1 december ook nu op een dinsdag valt, net als in 1903. En omdat ik het zo'n prachtig blad vind. Van Netty van der Waarden. 
Ach jeetje, vorig jaar in december wisten we nog van niks. Gingen we nietsvermoedend de feestdagenmaand in. Wat is er veel gebeurd dit jaar. In de wereld en in het land en in ieders leven natuurlijk
Ik maakte trouwens wéér geen kerstkaarten. Elk jaar neem ik het me voor en er komt nooit iets van terecht.
Maar van dit decemberblad heb ik wél een kaart gemaakt. Eentje maar. Die wil ik graag verloten en sturen aan iemand die hier reageert (of per mail)